Het torenhoge aantal vluchtelingen betekent nog niet dat de wereld instort

Date: 18 juni 2026

Afbeelding: Leo Gestel. Belgische vluchtelingen in Roosendaal, 1914

Een enorm grote groep mensen is wereldwijd op de vlucht: meer dan 100 miljoen. Maar het is ook belangrijk om enige nuance aan te brengen in deze cijfers, om populisten geen munitie te geven voor hun pleidooi voor dichte grenzen.

Ralf Bodelier, Volkskrant,18 juni 2026/

Zaterdag 20 juni is het Wereldvluchtelingendag. Volgens VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR zijn maar liefst 118 miljoen mensen op de vlucht. Hoewel het er een paar miljoen minder zijn dan vorig jaar, is het nog steeds een gigantisch aantal.

Ter linkerzijde van het politieke spectrum leiden de 118 miljoen tot vertwijfeling, omdat mechanismen zoals diplomatie, ontwikkelingshulp en vredesmissies niets meer lijken uit te halen. Ter rechterzijde leiden ze tot angst om door al die vluchtelingen te worden ‘overspoeld’.

Het is goed dat Wereldvluchtelingendag bestaat. Ten minste één keer per jaar gaat het publieke debat nu eens niet over pushbacks en het buitensluiten of criminaliseren van mensen die vluchten voor oorlog en geweld. Op Wereldvluchtelingendag gaat het weer even over het bittere lot dat deze mensen wereldwijd treft.

Toch is het goed om het hoofd koel te houden en te analyseren wat dat cijfer van 118 miljoen daadwerkelijk betekent. Om dit enorme aantal uiteen te rafelen en te begrijpen dat niet alle vluchtelingen over zullen steken naar Nederland. En om te kunnen zien dat naast diepe, menselijke ellende, ook betere communicatie, effectievere noodhulp en meer menselijke weerbaarheid schuilgaan.

Meer vluchtelingen, minder doden

Zo wijst een hoog aantal vluchtelingen erop dat het steeds beter lukt om weg te komen uit een oorlogsgebied. Nog niet zo lang geleden betekende oorlog vaak de totale vernietiging van de burgerbevolking in een regio; Vandaag zorgen smartphones, betere informatiestromen, transportmiddelen en humanitaire corridors ervoor dat burgers niet machteloos achterblijven.

Hoge aantallen vluchtelingen correleren met lage aantallen oorlogsdoden. Sinds de Tweede Wereldoorlog is het risico om in een gewapend conflict te sterven met 95 procent gedaald.

Daarnaast is de gestage toename van het aantal vluchtelingen ook het resultaat van drastisch verbeterde meetmethoden. Dankzij satellietdata en mobiele netwerken registreren we tegenwoordig groepen mensen die tien of twintig jaar geleden nog onzichtbaar bleven. Waar de UNHCR in 1970 alleen data verzamelde in een handvol landen, doet hij dat vandaag in meer dan 130 landen. We weten simpelweg veel beter wie allemaal op de vlucht zijn.

Asielprocedure

Dan de cijfers zelf. Onder de 118 miljoen vluchtelingen schaart de UNHCR allerlei vormen van ontheemding. Van elke honderd mensen die huis en haard moesten verlaten, zitten er acht in een lopende asielprocedure, staken er 35 de grens over en zijn er ongeveer 58 ontheemd in eigen land. Degenen die overstaken naar een ander land, deden dat meestal naar een buurland.

En van de intern ontheemden vluchtten sommigen naar andere regio’s in eigen land, anderen gingen naar een dorp in de buurt. Sommigen konden niet weg omdat de grenzen van buurlanden dicht zaten, anderen kozen ervoor om te blijven omdat het vijftig kilometer verderop alweer veilig genoeg was.

Geen exitstrategie

Wanneer we de cijfers willen begrijpen, is het goed om te weten dat het internationale hulpsysteem geen fatsoenlijke ‘exitstrategie’ kent. De statistieken registreren nauwkeurig wie er op de vlucht slaat, maar houden nauwelijks bij wanneer iemand permanent gesetteld is. Wie twintig jaar geleden in Colombia vluchtte voor de guerrillabeweging FARC en inmiddels een stabiel, nieuw leven opbouwde in de hoofdstad Bogota, staat vaak nog als ontheemde in de boeken.

Ook telt de UNHCR miljoenen mensen mee die al generaties lang in een stabiele omgeving wonen. Dat geldt bijvoorbeeld voor een deel van de Palestijnse vluchtelingen. In 1950 ging het om 750 duizend mensen; inmiddels staan er bijna zes miljoen geregistreerd. Anders dan bij andere groepen is de Palestijnse vluchtelingenstatus erfelijk. Zo wonen er meer dan twee miljoen geregistreerde Palestijnse vluchtelingen in het relatief stabiele Jordanië, van wie de grote meerderheid al decennia het Jordaanse staatsburgerschap bezit.

Weerbaarheid

In de campagnes op Wereldvluchtelingendag zie je deze relativering maar amper terug. Omdat zowel de VN-organisatie als de ngo’s afhankelijk zijn van vrijwillige bijdragen van westerse overheden en burgers, vinden zij het blijkbaar noodzakelijk om de dramatische cijfers elk jaar voorop te zetten.

Voor zover dat zo is – en de communicatiepatronen wijzen in die richting – is het een gevaarlijke strategie. Door de nadruk te leggen op een onbeheersbaar schijnende crisis, lopen de organisaties niet alleen het risico donateursmoeheid in de hand te werken, ze voorzien ook populistische politici van munitie om grenzen voor vluchtelingen nog harder te sluiten.

Er is geen enkele reden om voldaan achterover te leunen of de gruwelijke ellende in Oekraïne, het Midden-Oosten of Soedan te bagatelliseren. Maar we moeten ons ook niet laten gijzelen door een alarmisme dat geen ruimte laat voor nuance. Ons morele kompas moet gericht blijven op een wereld zonder geweld. Hoge vluchtelingencijfers zijn echter geen bewijs van een beschaving die bezwijkt. Het zijn de sporen van mensen die, onder de meest barre omstandigheden, actief zoeken naar een uitweg.

Die weerbaarheid verdient meer dan paniek. Ze verdient een verhaal dat haar serieus neemt.

Leave a Reply

Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.

single.php